7.2.10

Geheugenwinst


Hij zat met opgetrokken schouders op een bank in het park voor zich uit te staren. De bank gaf zicht op de eenden in en rond de kleine eivormige vijver van het stadspark. Hij keek dwars door de watervogels heen en ik vermoed dat hij hun gekwaak niet hoorde. Zijn aanwezigheid op dit vroege uur op deze plek en zijn ongeschoren gezicht strookten niet met zijn frisse haarsnit en fatsoenlijke klederdracht.
Na ettelijke rondjes lopen, haalden de vraagtekens in mijn hoofd de bovenhand. Achteloos hield ik halt bij zijn bank. Ik mompelde goedemorgen, zwierde een been op de leuning en begon me te rekken. "Fris, hé, zo 's ochtends vroeg?" begon ik. Geen reactie. Hij keek niet eens mijn kant op. Ik huppelde een tijdje ter plaatse en ademde fel uit. Ffffffff. Schouders draaien. Wervelkolom rekken. Ik ging op de bank zitten, verstrengelde mijn vingers alsof ik zou bidden, strekte mijn armen omhoog en boog mijn bovenlichaam naar voren, borstkas tegen de dijen. Rug verlengen.

"Gaat het een beetje?" vroeg ik.
De man antwoordde: "Ik hoop dat ik dit slechts droom, dat het niet echt is."
"Hoezo? Wat is er gebeurd?"
"Eergisteren kwam ik thuis van mijn werk. Ik parkeerde voor mijn deur.... Alleen, het was mijn deur niet meer. Mijn huis was weg. Er stond een ander huis. Ik belde aan met mijn identiteitskaart in de hand. Hier woon ik, zei ik tegen de oude vrouw die angstvallig opende. Kijk maar, hier staat het op mijn pas! Waar is mijn huis? Ze hebben mijn huis weggedaan! De vrouw wou de politie waarschuwen als ik niet gauw maakte dat ik weg was, dus droop ik af."

Ik vond het een vreemd verhaal maar probeerde dat niet te laten merken en vroeg wat hij toen gedaan had.

"Het angstzweet brak me uit. Waar was mijn vrouw? Ik probeerde haar te telefoneren maar een stem zei dat ik verbonden was met het antwoordapparaat van ene Steven Gossiaux. Nog nooit van gehoord. Ik belde naar haar ouders en kreeg te horen dat ze mij niet kenden en dat ze vroeger inderdaad een dochter hadden die Suzanne heette maar dat ze op vijfjarige leeftijd verongelukt was. Bovendien schold de man mij de huid vol aangezien hij het luguber en ongepast vond dat een flauwe plezante 32 jaar na het overlijden belde voor hun dode dochter."

Ik geloofde hem ondanks de ongeloofwaardigheid. Hij vertelde verder.

"Waar waren de kinderen? Vier kinderen hebben we. Een zoon en drie dochters. Vier blonde, guitige rakkertjes. Altijd goed gezind en boordevol energie. Het was al uren na schooltijd dus daar konden ze niet zijn maar ik had het telefoonnummer van hun schooljuffen. Ik belde juf Iris en stelde me voor als de papa van Noah. Dit moet een vergissing zijn, zei ze. Want er zat geen Noah in haar klas. Noah, Noah Dekimpe, trilde mijn stem door mijn mobieltje. Mijn hele lijf beefde van de angst. Mijnheer, ik weet niet wie u bent en wat uw bedoelingen zijn, maar ik ga dit melden bij de politie... Gelijkaardige scènes toen ik de juffen van mijn andere kindjes belde."

Ik slikte even en wist niet wat zeggen. Hij nam zijn portefeuille, opende hem met verkleumde vingers en haalde een foto uit. Ik zag vier bloedjes van kindjes, zo mooi als cherubijntjes. Mijn hart brak.
"Van de schoolfotograaf. Drie maanden geleden. Ik heb me nog nooit zo ellendig gevoeld. Alles ben ik kwijt. Mijn huis en mijn gezin."

Ik voelde een diep medelijden met de man en vertelde hem niet dat het ergste nog moest komen. Na het ongeloof en de schok zou de ondraaglijkheid van het alleen verder leven komen met een gemis dat pijnlijker zou zijn dan de wreedste marteling.

6 opmerkingen:

Anoniem zei

Ik slik even en weet niet wat zeggen...

AnamCara zei

Prachtig geschreven! Ik hoop enkel voor die man dat het fictie is...

Patrick zei

Ik voel dan mee met een vrouw die haar klavertje-vier heeft verloren.
Noemen ze zo een tekst nu een metafoor?

veerle zei

Een bijzonder verhaal. Alleen hoop ik ook dat het een droom is.

Heidi zei

amai hier ben ik even stil van. Prachtig geschreven. 'k las het in één adem uit.

dP zei

Doet me denken aan 'Het huis der onbekenden' van Jos Vandeloo. Alleen is dit wél terecht gekomen. Sommige dingen werken blijkbaar beter als ze kort en krachtig geformuleerd worden. De roman las ik niet uit.